Deze week startte meteen vol. Ik werd maandagochtend toen ik op de afdeling kwam meteen gevraagd om samen met een patiënte en een zuster naar het ziekenhuis te gaan. Deze patiënte moet ingesteld worden op de ARV's, AIDS remmers. We zouden met een ambulance opgehaald worden. Ik ken de verhalen over het wachten in de ziekenhuizen en had me daar dus volledig op ingesteld. Om 9 uur vertrokken we en alleen al het in de ambulance meerijden is een belevenis. In het ziekenhuis werden we van het kastje naar de muur gestuurd. De patiënte had geen indentiteitbewijs bij zich en wist haar geboortedatum niet precies, dat was dus een probleem. We hadden nog geluk, voor hetzelfde geld kun je dan onverrichte zaken terugkeren. Maar ze werd toch ingeschreven, er werd bloed afgenomen en een nieuwe afspraak gemaakt. 11 uur waren we klaar, dat viel mee en de ambulance werd gebeld. Het is een ware belevenis en een film om naar te kijken, het wachten in zo’n ziekenhuis. Een ziekenhuis met alleen maar zwarte mensen overigens. Na 2 uur wachten ben ik gaan informeren en er zou opnieuw gebeld worden. Na nog een uur heb ik naar TDC gebeld of er vandaaruit misschien een ambulance geregeld kon worden en weer een uur later opnieuw. De patiënte werd onrustig en ik heb uren met haar hand(en) in mijn hand gezeten. Inmiddels raakte mijn geduld uitgeput en begon ik gewoon boos te worden. Voor mij is dit iets wat één keer, misschien twee keer gebeurt. Maar voor de patiënten en het begeleidende verplegend personeel komt dit keer op keer op deze wijze terug. Zieke, soms doodzieke mensen die op deze manier moeten wachten. Na een bezoek aan de matron (de hoofdzuster) van het ziekenhuis kwam de ambulance toch voorrijden, na 5 ½ uur wachten….. Is dit omdat het een zwart ziekenhuis is, of is dit hier gewoon? Het is zo makkelijk om te zeggen: “ach, dit is Zuid Afrika en zo gaat het hier nu eenmaal” . Ik vind dat een dooddoener waarmee nooit een verandering tot stand komt, een dooddoener die je keer op keer te horen krijgt. Misschien moeten wij de (zwarte) mensen blijven stimuleren om dit niet gewoon te vinden en hier zelf actief mee aan de slag te gaan. De patiënte kreeg overigens tussen de middag gelukkig een warme maaltijd aangeboden. Dit jaar is voor mij echt het geduld betrachten aan de orde, de ene keer lukt het me beter dan de andere keer.
Dinsdagochtend werd ik moe wakker. Moe van de dag ervoor en een nacht van zeer indringend dromen. Ik besloot die dag alleen de geplande “ transfer demo” ( het verplaatsen van een patiënt in bed of van bed naar stoel op verantwoorde wijze) te geven , met behulp van andere vrijwilligers, en ’s avonds de bingo te doen. De opkomst bij de “transfer demo” viel die dag tegen, 4 verzorgenden kwamen er matig enthousiast op af, al was één van de leerling verzorgenden er wel heel enthousiast over. Al is er maar één persoon die daar wél wat mee doet, dan is dat toch meegenomen. Voor zowel de patiënten die door haar worden verzorgd als voor haarzelf. We hebben foto’s gemaakt van alle handelingen en die heb ik laten afdrukken, een fotoboekje hiervan laat ik achter op elke afdeling. Daarbij hebben we via één van de oudvrijwilligers een Engelse beschrijving van de handelingen gekregen en van mijn fysiotherapeut kreeg ik een overzicht met tekeningen hierover toegestuurd, ook daarvan komt op alle afdelingen een exemplaar te liggen. ( dank voor alle hulp!) De tweede keer was de opkomst beduidend hoger, 10 verzorgenden. Dit keer werd er ook volop door hen meegedaan en geoefend, dat was echt dikke pret. Hele toneelstukjes werden het, ze konden er niet meer mee ophouden, nu wilde echt iedereen oefenen en meespelen. Heel leuk!
Het is een lastige week geweest. Wat ik goed merk is dat m’n gevoelens golfbewegingen maken. In het begin is het schokkend en indringend wat er allemaal op je afkomt, dan komt er toch een periode van gewenning, lijkt het gewoon te worden. Maar het is natuurlijk allemaal helemaal niet gewoon wat je hier ziet en wat je tegenkomt. En af en toe werkt dat verstikkend, verkrampend en verstollend. En gek genoeg ( of misschien ook helemaal niet gek) maakt dan een simpele vraag van de BeMore coördinator hier ter plekke “hoe is het deze week gegaan?” in het wekelijkse contactmoment meer los dan ik had kunnen voorzien. Letterlijk en figuurlijk kon het weer gaan stromen, kon ik ook naar de anderen weer mijn gevoelens onder woorden brengen. Kan er weer ontspanning in mijzelf en naar de anderen komen. 7 weken hier nu, 7 weken in een groep leven (eigenlijk in 2 groepen) en continue mensen om me heen, 7 weken op een klein oppervlak leven. Sommige dagen kom ik helemaal niet buiten TDC en andere dagen is het winkelcentrum op een afstand van ca. 200 meter lopen mijn enige uitje, even boodschappen doen. Vanaf ’s ochtends 5 uur komt het verkeer op gang en dat gaat tot laat in de avond door. Wel hoor je bijna de hele nacht door ook de krekels en ’s ochtends vroeg de vogels. Maar ik mis het vrije gaan en staan en voel me momenteel erg opgesloten. Na de eerste week had ik hier niet meer zo’n last van, maar momenteel vliegt het me even aan. 1x in de 2 weken een weekend weg is dus heerlijk en de weekenden die ik niet weg ben zijn er in de omgeving ook nog steeds interessante dingen te bekijken.
Eén van de vrijwilligers heeft haar zoon in Durban wonen en hij is getrouwd met een Hindustaanse vrouw. Haar moeder heeft ons een middagje meegenomen naar de “Hare Krishna Temple of Understanding”. We kregen daar een rondleiding en hebben daar heerlijk geluncht.
Religie en spiritualiteit nemen hier een belangrijke plaats in. De verschillende religies vinden ook gewoon naast elkaar hun doorgang, zoals het ook hoort, maar het Christendom neemt de belangrijkste plaats in. Er staan ook ongelofelijk veel kerken van verschillende gezinten, in elke straat wel één. Je merkt ook echt dat de mensen steun vinden in hun geloof.
Eén van de oud patiënten kwam vertellen dat er een leven is na TDC, een leven na de diagnose AIDS. Zij is heel gemotiveerd om over deze problematiek te vertellen en de zieken te laten zien hoe goed je weer kunt leven. Dat het niet afgelopen is als je de diagnose AIDS hebt gekregen. Zij trekt met een groep jongeren door de omgeving om hierover te vertellen. Daarbij wordt Zulu dans gedaan en is er een Gospelkoor. Het zijn een paar leuke uren geweest voor patiënten, personeel en uiteraard ook voor ons. Toen ik één van de patiënten naar zijn kamer terug bracht verzuchtte hij “het lijkt wel kerstfeest vandaag.”
Uitleg bij de foto’s:
1,2 en 3 Ziekenhuisbezoek
4, 5 en 6 Tiltechnieken oefenen
7, 8 en 9 Hare Krishna Tempel of Understanding
10 tm 15 Oud patiënte met Zulu dansers en Gospelkoor
Bianca Fortuin
Hallo Monika,
Vanaf deze week weet ik dat ik 20 juli tot 15 augustus ook naar TDC ga. Ik lees dus hier en daar al blogs om me wat te informeren. Ik lees je blog altijd met veel plezier, ze zijn erg inspirerend!
Ik zag op een foto dat jullie tiltechnieken instrueren. Zelf ben ik nu 2e jaars student verpleegkunde dus ik weet her ook wel wat van. Nu vroeg ik mij af; kunnen de bedden daar niet op werkhoogte gesteld worden, dus dat je ze op heuphoogte kan zetten?
groetjes,
Bianca Fortuin